Bomen 1: schors

In de winter valt er meer licht op de stam en de schors. Goed moment om te zien hoe verschillend die eruit kunnen zien. Schors beschermt de boom tegen weersinvloeden en insekten. Bij veel boomsoorten barst de schors wanneer de stam dikker wordt (omdat die niet elastisch is). Omdat schors ‘dood’ is (kurk), laat deze geen lucht en water door. Om te zorgen dat er toch zuurstof de boom in kan, ontstaan er op de schors ‘lenticellen’, vergelijkbaar met huidmondjes op bladeren. Ze dragen samen met de groeven en scheuren bij aan de soms kenmerkende patronen.
dsc00830uit2dsc00858uit2dsc00831uit2
Als eerste hierboven de schors van een prunussoort. De horizontaal op de stam lopende strepen zijn rijen met huidmondjes. Daarnaast de schors van de moerascypres, met in de lengte lopende stroken die in stukjes lijken gebroken. De laatste  is van de haagbeuk, net als de beuk met een dunne, gladde schors, maar dan ‘gespierd’. Alsof je spierbundels door de stam ziet lopen. De dunne bast is zeer gevoelig voor zonnebrand.
dsc00932uit2dsc00842uit2dsc00843uit2
De eik links heeft lengtegroeven die dieper worden naarmate de eik ouder wordt. De (ruwe) berk heeft een  witte schors die naarmate de boom ouder wordt steeds meer zwarte stukken krijgt waar groene algen op wonen. Als derde een dwergcypres waarvan de schors er als lange repen lijkt opgeplakt, maar dan ook weer loslaten…
zwarte-elstaxusatuinDe zwarte els houdt van natte voeten en staat op het mini-eilandje in de beek met een zwart-groene schors. De taxus (midden) heeft een bast die door de groei afschilfert in allerlei kleuren van geel tot bruin tot dieprood. Lijkt in die zin op de plataan die dat in de kleurstelling groen-geel doet. De taxus is giftig, zelfs de bast! Als laatste het typische ‘schrift’ van de witte abeel: er verschijnen zwarte vierkante stukjes op de wittige schors. Ook dit zijn huidmondjes.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *